Rome van 161 tot 640 na Christus.

15/06/2017

 

Over de val van het Romeinse Rijk zijn sinds Gibbon (1776-1781) al veel studies geschreven.

De meeste auteurs zochten de oorzaak bij de Germanen (300-400), Hunnen(350-450), Wisigoten (410) of Ostrogoten (500).

Goldsworthy, al bekend door zijn boeken over Caesar en Carthago, begint zoals Gibbon met een heel lange aanloop in en zelfs voor  180, toen het rijk nog floreerde. De kaart op p. 38-39 illustreert dat.

Hij benadrukt de crisismomenten in de 3° e., in de vorm van geregelde burgeroorlogen, andere interne conflicten en de eerste vreemde invallers. Diocletianus en Constantijn konden nog even voor herstel zorgen, maar in de 4° eeuw werd de opdeling in twee of vier  definitief, in de 5° eeuw volgde de instorting en in de 6° eeuw de mislukte poging van de oostelijke keizer  Justinianus (527-565) om het Westen te heroveren.  Daarna zag de wereld er voorgoed heel anders uit.

Volgens James O’Donnell , The ruin of the Roman Empire, 2009, was Justinianus zelfs de echte schuldige voor de ondergang van het Westen, omdat hij het gezag van de Ostrogoten weigerde te erkennen en door zijn invasie de bevolking verder uitputte en zo de weg vrijmaakte voor de inval van de Langobarden.

 

Goldsworthy houdt het eerder bij de interne conflicten en beschouwt  de verovering van de Afrikaanse graanschuur door de Vandalen (429-442) als de zwaarste slag. Zijn verklaringen zijn dus niet revolutionair.

 

De verklaringen voor de val van Rome vormen slechts een onderdeel van zijn heel lang relaas over de periode van 161 tot 640 n.C. Hij vertelt daarbij over zeer veel andere onderwerpen : de herkomst van de keizers, hun curriculum vitae, opgang, privé-leven;  of :  de eerste handelscontacten tussen Rome en China in 166, t.t.v. Marcus Aurelius (p. 55), althans volgens Chinese bronnen. Of over Perzië, de nieuwe vijand in de 3° e. n.C., die de economie van het rijk zwaar onder druk zette. Of  uitgebreid over het Christendom. En over de  zoektocht naar nieuwe slaven , toen de veroveringen ophielden. Maar iets te weinig over de afname van de bevolking, het dalend aantal eigen soldaten, de opname van Germaanse  soldaten om de grenzen te verdedigen tegen Germanen en andere invallers.

 

Goldsworthy kan schitterend vertellen, zoals hij ook al aantoonde in zijn “Caesar” en zijn “Carthago”, hij heeft een soepele pen, hij weet enorm veel, hij schrijft  een prachtig boekwerk over die vijf eeuwen, met overzichtelijke kaarten, heldere schema’s, een zeer  uitvoerige en gedetailleerde  chronologische tabel, prachtige kleurenfoto’s, typeringen van volkeren die het Romeinse Rijk bedreigden en van hun aanvoerders, heel veel details en personalia, maar iets te weinig focus op de oorzaken zelf van de val.

 

Nog één detail : Goldsworthy blijft de slag van Varus en Arminius situeren in het Teutoburgerwald in plaats van de recentere hypothese, nl. in de omgeving van Kalkriese.

Het  boek is zijn prijs  meer dan  waard.

 

 

 

 

 

 

Referentie :

 

Adrian            GOLDSWORTHY,

 

De val van Rome.

 

Uitgeverij Ambo, A’dam / VBK, Wommelgem, 2009.

 

518 p. , kaarten, foto’s, chronologie, woordenlijst, bibliografie, register.

 

ISBN   978 90 263 21771;     € 34,95.

 

Bewijsnummer naar :

 

Uitgeverij Veen – Bosch &  Keuning

 

t.a.v.      Christine Van Steerteghem – Els Wouters – Michelle Meermans

 

Ternesselei 326

 

2136      Wommelgem

 

 

e-mail : c.vansteerteghem@vbku.be

               e.wouters@vbku.be

               m.meermans@vbku.be

 

Jef Abbeel      mei 2009.

 

 

 

 

 

 

 

 

Jef Abbeel                  mei 2009.

 

 

 

Tags:

Please reload

Zoeken op tags
Please reload

Archief
Categorie
Please reload