top of page

Libanon. Een korte geschiedenis.

  • Jef Abbeel
  • 29 jul
  • 6 minuten om te lezen

Jona Lendering

Libanon, land van de eeuwige sneeuw (laban is wit), beslaat slechts 10.452 km² of één derde van

België, één vierde van Nederland. Maar door zijn ligging speelde het een rol vanaf 3000 v.C.

Byblos was één van de oudste steden en de oudste houtexporteur ter wereld, vooral naar Egypte,

Griekenland en Rome.

Lendering (°1964) begint met verhalen uit de 14-12 de eeuw v.C., die weinig relevant zijn. Vanaf de

Feniciërs, 12 de eeuw, wordt het meer herkenbaar. Zij worden beschouwd als de voorouders van de

Libanezen en hun alfabet werd overgenomen door de Grieken. Rond 600 v.C. voeren ze rond Afrika,

2000 jaar vroeger dan de Portugezen. In 332 v.C. werden ze verslagen door Alexander de Grote. Na

zijn dood kwam de Feniciërs eerst bij Egypte, in 222 v.C. bij Syrië en vanaf 67 v.C. bij het Romeinse

Rijk. Ze bleven hout en andere zaken exporteren en atleten uit Sidon haalden goud op de Olympische

Spelen. Keizer Alexander Severus kwam uit Arqa, Noord-Libanon. Hier krijgen we iets te veel uitleg

over tal van toenmalige oosterse goden. Met het christendom komt Lendering in bekender

vaarwater. Tot 311 n.C. werden Libanese christenen bloedig vervolgd. Dat herhaalde zich in de jaren

536-547, een periode van klimaatverandering. In de 5 de eeuw ontstonden de maronieten, genoemd

naar hun heilige Maron (†410). 20% van de Libanezen noemt zich maroniet.

Tussen 634 en 637 veroverden de Arabieren Libanon, Syrië en Palestina. Damascus werd hun

residentie, waardoor de Fenicische havensteden aan belang wonnen. Christenen en Joden werden

dhimmi’s, tweederangsburgers, die tot 1908 minder rechten hadden en meer belastingen moesten

betalen. Rond 660 ontstond de splitsing tussen soennieten en sjiieten. In Libanon is nu een kwart

sjiiet en een kwart soenniet (p. 98). 5% hoort bij de Druzen, die zowel de Bijbel als de Koran en de

‘111 Brieven der Wijsheid’ uit 1017-1043 als heilige geschriften hebben. In de Libanese politiek

spelen ze een belangrijke rol. De auteur vertelt weinig over de verschillen tussen deze godsdiensten:

blijkbaar zijn er zulke verschillen in het huwelijksrecht, de manier van bidden en de rol van de imam,

die bij de sjiieten cruciaal is. In de 11 de eeuw zag de religieuze kaart van Libanon er al uit zoals nu (p.

105).

In 1098-1099 trokken kruisvaarders door Libanon richting Jeruzalem, waar ze een bloedbad

aanrichtten onder de islamieten en Joden. In 1187 werden de kruisridders definitief verslagen door

Saladin. Daarna wisselden zowel de Libanese steden als Jeruzalem nog geregeld van eigenaar. Rond

1250 ontstond al een speciale relatie tussen Frankrijk en Libanon. Mammelukken, Mongolen en

vooral de pest (1348) veroorzaakten vele doden in het Midden-Oosten.

De Ottomanen veroverden in 1516-1517 Syrië, Libanon, Jeruzalem en Egypte. Joden en christenen

waren dhimmi’s: tot 1908 kregen ze minder rechten en betaalden ze meer belastingen. De Fransen

werden in 1536 de meest begunstigde handelspartner van de Libanese steden.

Fakhr ad-Din, de Druzische ‘vader van Libanon’, zo genoemd omdat hij van 1593 tot 1635 heerste

over een regio die overeenkomt met het huidige Libanon, legde contacten met Toscane, zorgde voor

bouwwerken en vernieuwingen.

Rond 1860 werden ca. 11.000 mensen gedood in gevechten tussen Druzen en maronitische

christenen. In 1875 richtten Franse Jezuïeten de Université Saint-Joseph op. De protestantse

American University was er al sinds 1866.

Tijdens WO I werd Libanon geteisterd door een grote hongersnood: ca. 155.000 inwoners op 415.000

of 37% stierven. De bevolking kwam in opstand tegen de Ottomanen. Na WO I werd Libanon een

Frans mandaat. De Fransen herstelden de voedselvoorziening. Blijkbaar herstelde de bevolking ook

zeer snel, want bij de volkstelling van 1932, tot nu toe de enige, waren er 402.000 christenen en

383.000 moslims ofwel 785.000 inwoners, verdeeld over … 18 geloofsgemeenschappen (p. 197).

In 1943 werd het Nationaal Pact gesloten: een verdeelsleutel voor de politieke ambten. Maar veel

beslissingen worden nog genomen door de hoofden van de vooraanstaande families.

Op 23 november 1943 werd het land onafhankelijk, met de hulp van de Britten, wat De Gaulle hen

kwalijk nam en waarvoor hij in 1958 hun toegang tot de EEG blokkeerde (p. 208).

Het onafhankelijke Libanon was intern verdeeld tussen prowesterse christenen en pro-Arabische

moslims. In 1958 vielen daarbij honderden doden. De VS kwamen tussen.


2

De jaren 60 en 70 zorgden voor bloei. Maar vanaf 1967 vestigden zich Palestijnse strijders in het

sjiitische zuiden, ze vuurden raketten af op Israël, dat schoot terug. Dat conflict veroorzaakte ook

spanningen tussen de confessies. Vanaf ‘Zwarte September 1970’ trokken Palestijnse strijders naar

Beiroet. Op 3 miljoen inwoners waren er nu 400.000 Palestijnen. De bevolkingsgroepen bewapenden

zich tegen hen. In april 1975 openden schutters het vuur op de maroniet Gemayel. Zijn Falangisten

reageerden met een aanval op Palestijnen. Lendering legt stap voor stap uit hoe de 1 ste Burgeroorlog

van april 1975 tot oktober 1976 ontstond en evolueerde. In 1978 vermoordden Palestijnse strijders

een aantal Israëli’s. Na een aanslag op een Israëlische diplomaat in 1982 viel Israël in Libanon binnen.

Er vielen 12.000 doden, vooral burgers plus 1.500 Palestijnen in de kampen Sabra en Shatila. In

oktober 1983 pleegde de Islamitische Jihad een aanslag op de Amerikaanse en Franse

vredesmachten: er vielen 241 Amerikaanse en 58 Franse doden en 12 burgers (p. 234). De auteur

noemt de jaren 1983-1984 de 2 de Burgeroorlog, maar de periode 1984-1988 was even chaotisch. In

1989 volgde een wapenstilstand in Ta’if , Saoedi-Arabië. Na 15 jaar was de oorlog voorbij, ten koste

van 100.000 doden, voor 90% burgers (p. 240). De reconstructie vond plaats in de jaren 90. In het

zuiden bleven de gevechten voortduren tussen Hezbollah en Israël, o.a. in 1993, 1996 en 2005.

Geregeld werd er ook een politicus vermoord. In april 2005 vertrokken de Syrische troepen na 29 jaar

uit Libanon. Hezbollah werd een staat in de staat (p. 247-248).

Door de Syrische burgeroorlog van 2011 e.v. vluchtten 1,5 miljoen Syriërs en Palestijnen naar

Libanon, een landje met 4,5 miljoen inwoners. De macht bleef in handen van schatrijke families (p.

250-254).

In 2018 implodeerden de banken, in 2019 kon de overheid geen bosbranden meer blussen. Er

volgden protesten tegen de kleptocratische overheid. In 2020 kon Libanon zijn buitenlandse schulden

niet meer aflossen. Corona veroorzaakte 11.000 doden op 6 miljoen inwoners. Op 4 augustus 2020

ontplofte door slordigheid een loods in de haven van Beiroet: er vielen 218 doden en 7.000

gewonden en de schade was enorm. Tussen 2018 en 2020 kromp de economie met 40%!

2023 begon zonder president, met een demissionaire regering, een verdeeld parlement, een

geruïneerde economie en een woedende bevolking. Dan kwam de oorlog tegen Hamas, waarbij

Hezbollah Israël aanviel, Israël binnenviel en Hezbollah versloeg. Pas in januari 2025 had Libanon

weer een president, Jopseph Aoun en een premier, Nawaf Salam (p. 263-265).

Lendering eindigt gematigd positief: de problemen waren vaak van buitenlandse makelij: Ottomaans,

Frans, Koude Oorlog, Palestijnen. Het land heeft een hoogopgeleide bevolking, internationale

contacten, vrije pers en een open economie. Nu pas noemt hij de aanleiding tot het schrijven van dit

boek: de Israëlische invasie van 1 oktober 2024, die veel schade veroorzaakte (p. 267). Hij geeft ook

duidelijke toeristische tips (p. 268-270). Het boek eindigt met enkele literatuursuggesties en een zeer

uitgebreid register van personen en plaatsen (p. 275-278).

Beoordeling

Lendering kent het land zeer goed en informeert de lezer over vele thema’s: geschiedenis, politiek,

economie, maatschappij, toeristische mogelijkheden. De informatie over het verleden is soms te

uitgebreid en die over het heden mocht wat uitgebreider zijn: de 20 ste eeuw begint in dit boek (270

pagina’s) pas op p. 187. De vele foto’s zijn zeer welkom, maar de kwaliteit is matig. Kaarten zijn er

genoeg (9). Klimaatverandering is blijkbaar geen privilege van onze tijd: de 13 de eeuw v.C. en de jaren

536-547 n.C. werden er ook al door getroffen.

Het ontstaan van de islam situeert hij in de Oudheid (p. 89) en niet in de Middeleeuwen: hij ziet de

periode van 300 tot 700 als de ‘Late Oudheid’. De spelling wijkt soms af van de gebruikelijke:

Carthago schrijft hij met een K (p. 33, 34, 35), Hoessein spelt hij telkens als Husayn (p. 98-100, 162,

191-193, 218, 220) en Assad als Asad (226, 229, 246, 248, 250, 252, 264). Maar voor Arabisten is

Husayn en Asad blijkbaar de juiste spelling. Libérateurs moet mét accent en ottomane is in het Frans

met kleine letter (p. 208). ‘Lebabon’ (p. 273) is een zetfoutje.

Al met al een boek dat zeer aan te bevelen is voor wie de situatie in het Midden-Oosten wil

begrijpen.


3


Referentie:

Jona Lendering,

Libanon.

Een korte geschiedenis.

Uitgeverij Omniboek, Utrecht/VBK, Antwerpen, 2025.

Paperback, 288 pagina’s, kaarten, foto’s, tabellen, stambomen, literatuur, register.

ISBN 978-94-019-2114-5; € 22,99 (paperback), € 20,00 (luisterboek)


©Jef Abbeel, juli 2025 www.jefabbeel.be


ree

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
bottom of page